Carnavals Stichting De Papslokker  

  • Facebook Social Icon
  • YouTube Social  Icon

Het ontstaan van de papslokker

In 2017 was het 44ste jaar carnaval in ons Papslokkersgat, rijst steeds meer de vraag vanuit onze eigen Papslokkers, Papslokkerinnen en geïnteresseerden van buiten Molenschot: “Hoezo Papslokkersgat met zijn Papslokkers , waar komt dit toch vandaan….?”

 

Een opsomming van de feiten zoals weergegeven door de direct betrokkenen onderverdeeld in de 5 hoofdstukken:

 

1)    Protestactie bij het vliegveld

2)    Verbroederingsfeest

3)    1ste carnavalswagen in Molenschot

4)    ’t ontstaan van de Carnavalsstichting

5)    De naam Papslokker

 

Protestactie bij het vliegveld

Het allereerste begin stamt uit  medio jaren  ’60 bij het vliegveld van Gilze en Rijen.

Uit protest tegen de komst van het 2e squadron naar de vliegbasis Gilze en Rijen zijn vele inwoners van onze gemeente met de auto, of de platte kar achter de tractor met daarop de hele kinderschare naar het vliegveld getrokken om aldaar te protesteren tegen de komst van dit 2e squadron.

Dit leidde tot een file auto’s die stond vanaf de ingang van het vliegveld (bij café ‘t Hoekske) tot aan het garagebedrijf van (Jan) de Groot.

Men kreeg op dat moment het gevoel dat een optocht organiseren niet zo moeilijk moest zijn als er voldoende interesse zou bestaan om gezamenlijk eenzelfde doel na te streven.

 

Verbroederingsfeest

De oorsprong van het carnavalsgebeuren ligt in de jaren 1969 / 1970 bij het café wat

we nu allemaal kennen als café–feesterij ’t Engeltje aan de Schoolstraat 1 te Molenschot. Dit café werd overgenomen door de heer Joost van Bavel en later met zijn toenmalige echtgenote Wil. Joost bleek in die tijd erg veel zin te hebben om van dit café een succes te maken, niet alleen voor zichzelf, maar ook als centraal ontmoetingspunt in het dorp. Dat kan alleen als de bevolking graag  bij elkaar komt en gezamenlijk een praatje maakt onder het genot van…

De in die tijd standaardhappenings voor een café in een dorp waren al snel een feit.

Na een mis in de kerk zoals een trouwpartij, een begrafenis of een normale dagelijkse of wekelijkse eucharistieviering kwamen de meeste “kerkgangers” bij elkaar in café “Het Kusterke” voor een borreltje of zo maar een praatje.

 

Uitbater Joost had in die tijd dus net het café overgenomen van zijn ouders Janus en Joke van Bavel met een behoorlijk krap budget, wat ging betekenen dat als hij gasten in zijn café kreeg dat ze het moesten doen met het versleten café meubilair van zijn vader en moeder . Geld voor de inventaris was er tijdens de overname maar nauwelijks.

“Hoe kom ik aan geld voor stoelen, tafels en misschien wel wat barkrukken” moet  Joost gedacht hebben.

Al pratend en filosoferend aan de bar werd het eerste idee geboren.

Er kwam in die tijd regelmatig een meubelmaker in het café, waar Joost bekend mee raakte en Joost kon met hem de volgende afspraak maken;

De meubelmaker zou aan het café bij wijze van “op de pof” wat meubels willen leveren, te weten 15 krukken, wat tafels en wat stoelen.

Echter OP VOORWAARDE…dat de betaling, of in contanten, dan wel op afbetaling werden voldaan De meubelmaker wilde deze deal wel maken omdat hij hoorde van het plan van Joost om een soort van carnavalsbal te organiseren.

 Joost realiseerde zich dat nooit en of te nimmer zijn kleine café voldoende omzet kon genereren op een avond om aan deze rekening te voldoen.

Daarom maar groter gedacht en al snel kwam het toenmalige parochiehuis (thans Rietakker) in beeld.

Een groots carnavalsbal voor Molenschot,  ( het moet nu ongeveer 1972/1973 zijn geworden) , de mensen uit de gemeente en omliggende dorpen. Een soort VERBROEDERINGSFEEST. Men wist dat bijvoorbeeld de contacten tussen de Carnavalsstichtingen van Gilze en Rijen iets wat stroef verliepen en tussen Bavel en Dorst was bijna helemaal geen contact.

Maar hoe krijg je dat voor elkaar?

De toenmalige Praeses van de R.C.S. Dhr. Joop van de Broek kwam met het idee de omliggende carnavalsstichtingen uit te nodigen.

Doel van de avond zou moeten zijn Molenschot warm maken voor het oprichten van een carnavalsgebeuren en zodoende zouden deze omliggende Carnavalsdorpen hun medewerking gratis verlenen om Molenschot mee te nemen in de vaart der volken. Dorst, Bavel, Rijen en Gilze maakten hun opwachting en als huisorkest de blaaskapel de peeenzaaiers  uit Hoeven.

De avond was een groot succes.

 

Bijna een jaar later in de voorbereidingen naar carnaval kwam Joop van de Broek vragen hoe het zat met de realisering van een carnavalsgebeuren.

 

1ste carnavalswagen in Molenschot

Er is enige onduidelijkheid over het tijdstip van oprichting C.V. ’T Kusterke.  Deze bouwde voor de eerstkomende carnaval een wagentje.

Dit wagentje stelde een galerij voor waarin de toenmalig (enige Molenschotse wethouder) Gerrit Boemaars, als onbezoldigd burgemeester opgenomen werd in de portrettengalerij van de gemeente Gilze en Rijen. Ze wonnen de derde prijs in Gilze en ik meen de vierde in Rijen met de gemeentelijke aanmoedigingsprijs.

Hier werd op zaterdag met carnaval mee door Molenschot gereden omdat dat de dag was dat er geen enkele carnavalsoptocht in de gemeente was. Zondag had Gilze zijn optocht, dinsdag de optochten in Rijen en de kindermiddag bij Cees Bink (nu tegenwoordig herberg De Drie Linden), en, zo vertelde Joost (d’n Kuster) “op de eerste dag van carnaval , die zaterdag,  zijn de guldens nog het hardst, men heeft alles nog “in de pocket”, dus DAN moet het gaan gebeuren in Molenschot. Dit is tot op de dag van vandaag nog steeds zo gebleken en zo gebleven.

Tevens zagen we al een paar jaren de kinders van Molenschot met versierde fietsen en steppen door de 4 straten (onder de toren) rennen,onvoorstelbaar snel,want bij Kees Bink kregen ze snoepgoed.....

Toen meerdere kinderen dat ook wilde gaan doen, besloten, (gewezen) Anny Erkeland en onder andere Yvonne van Laerhoven, om daar de vaart wat uit te halen. Ze sneden uit piepschuim een F16, namen hun droogparasol, met daaraan een aantal reclame (voor bananen) vliegtuigjes, op een platte wagen, en langzaam aan kwamen er steeds meer medewerkers bij. En samen met o.a. Truus v. Dongen knipten ze voor alle buurtkinderen, grote oren, waarin watjes, en onder het motto; "Laat Gerrit (Boemaars) maar lullen, wij horen ze brullen." probeerde ze de kinderen als in een echte optocht te laten lopen.

Janus Jacobs (de melkboer) die deze groep zo in de weer zag met dat vliegtuig, sloot zich ook bij hen aan. Hij kocht een grote raket op een wagen, en liep ook mee. Met alle deelnemers, en aanhang hebben we een fijne carnavals middag gevierd bij Kees Bink. En dat was de eerste spontane optocht in Molenschot, overigens, zonder carnavalsvereniging. Het zal waarschijnlijk 1973 zijn geweest.

 

Het jaar daarna, in 1974 is er nog een optocht door Molenschot getrokken, zeker daarvan is  dat John Schouten en Jos van Laerhoven, in een box zittten, met een hoop kleine kinderen.  Het motto sloeg op de kindercrêche die Truus van Dongen ging openen.  Frank van Laerhoven  beelde de overval van de Rabobank uit,  buit:  Fl.30.000.

Zeker is niet of dit al een officiële optocht was.

In elk geval was er toen nog geen prins.

 

’t ontstaan van de Carnavalsstichting

De kastelein wilde met zijn vriendenclub een meer gestructureerd geheel aan dat alles gaan geven.

 “We willen voortaan elk jaar een feest en een optocht, maar hoe ?”

Goede raad was (toen al) erg duur en vanuit ’t Kusterke” werden de  vertegenwoordigers van de toen al bestaande buurtverenigingen bij elkaar geroepen om gezamenlijk tot een organiserend comité te komen en als zodanig vanaf het volgende jaar met carnaval een kinderoptocht te gaan organiseren. Later is deze club zichzelf officieel gaan registreren als de huidige carnavalsstichting.

 

De naam Papslokker

In 1975 trok de 1ste officiële optocht met  "Prins Pap d’n 1ste" door de straten van Molenschot.

Een zoon van melkboer Janus Jacobs, Hans Jacobs,  was de prins, motto van dat jaar is als enige nog steeds onbekend maar  “Prins Pap d’n 1ste”  had wel een gipsen tegel om zijn nek (ge-)hangen.

(Tot 1977 is er verder wat onduidelijkheid over de optochtdeelnemers omdat er in die tijd haast niets op schrift vastgelegd werd.  Vanaf 1977 zijn voortaan alle optochtdeelnemers in de carnavalskrant De Papslokker gepresenteerd aan, de Molenschotse bevolking. Een volledig overzicht is daar sinds kort van samengesteld.)

 

De eerste optocht was in Molenschot gereden, en de buurtverenigingen hadden zich voor de kinderoptocht verenigd tot 1 club, die elk jaar met carnaval een vervolg op het verbroederingsfeest zou gaan organiseren in combinatie met een kindercarnavalsoptocht.

Nu nog een naam voor deze club en deze organisatie.

De toenmalige koster van ons dorp, d’n Kuster (Janus van Bavel), toevalligerwijze de vader van kastelein Joost,  had zich een doel gesteld om een passende naam voor de nieuwe carnavalsclub te gaan verzinnen en legde zijn oor bij diverse (vooral grote boeren-) gezinnen te luister voor de nodige ideeën.

Janus kwam zo ook terecht bij Jaon Loon (vader van Jantje van Loon) die daarop ook op zoek ging naar de naam of scheldnaam,  waar de Molenschotse bevolking om bekend stond, te achterhalen.

Veel leverde dat niet op, maar omdat beide heren nogal eens met de verschillende grote boeren-gezinnen contact hadden,  werd daar iets uit verzonnen.

 

PAPSLOKKER

De welvaart van die tijd was van dien aard dat elke ouder het een prestatie vond om aan het eind van elke dag weer alle mondjes van het gezin weer voorzien te hebben met iets voedzaams. Veel was er niet, en wat er was, werd hoofdzakelijk zelf verbouwd.

 

Omdat de omgeving van Molenschot hoofdzakelijk zand- en heidegrond was van behoorlijk slechte kwaliteit, moest in de gewasverbouwing ook degelijk rekening gehouden worden met wat er geteeld kon worden. Niet iedereen was gegoede boer en menigeen kon zich pas een stukje grond verwerven na het “plaggen”van de Molenschotse heide. Het was op deze grond feitelijk niet meer als wat aardappelen en een beperkt aantal soort groenten te telen.

De slechte kwaliteit van deze grond kwam dus uiteindelijk ook naar voren in de kwaliteit van het voornaamste product, de aardappel  oftewel dun erreppel.

Deze waren over het algemeen van een kwaliteit dat als ze gekookt werden, niet van die mooie knikkers waren zoals wij die nu gewend zijn, maar het eindproduct in de keuken was meer een soort van slappe purée of een soort aardappelpap. 

 

Aan tafel met de gezinnen werd deze pap in een grote pan midden op tafel opgediend, en elk gezinslid kreeg een lepel. U kunt zich voorstellen dat als iedereen uit een pan van die slappe aardappelpap begint te eten, dat de sporen van die pan naar elke pap-eter snel duidelijk worden.

De pap-strepen op tafel, van de pan naar de aardappel(pap)eter, werden daarom gelijk papstraten  genoemd. (Nu blijkt uit onze heemkundige geschiedenis dat deze straatnaam nog nooit een feit is geworden, maar ja, wat niet is, kan altijd nog komen).

 

U begrijpt dat het aardappeleten meer pap eten werd, en met grote gezinnen van 8, 10 tot soms wel 12 of 14 hongerige kindermondjes, het eten meer slikken werd.

 

Janus en Jaon voor wie bovenstaand verhaal net als alle andere dorpsgenoten  een dagelijks ritueel was in hun kindertijd, vonden dat ze aan deze dagelijkse taferelen een duidelijke basis hadden om voor de Molenschotters een naam te bedenken. “PAPSLOKKERS”

 

Later moet ook dit verhaal een inspiratie geweest zijn voor één van 's werelds groten in de schilderkunst Vincent van Gogh.  

Zijn schilderij “De Aardappeleter” is de duidelijke vertolking van het tafereel wat hierboven geschreven is

 

Als echte Molenschotter ben ik eigenlijk de mening toegedaan dat Vincent zich vergist heeft (of hij was nog nooit in Molenschot geweest in die tijd…) .

Dit wereldberoemde schilderij “De Aardappeleter” van meneer Van Gogh draagt dus uiteindelijk onze Molenschotse naam “De Papslokker”

 

Met dank aan de volgende bronnen (in willekeurige volgorde) :

Ad Leenaars

Yvonne en Jos van Laerhoven

Jack Stoopen

Joost van Bavel

Piet (en familie) Boemaars

Ad Nelemans

Martin Hendrickx

 

                                                           Groeten, Eduard van den Wijngaard

                                                           Voormalig voorzitter C.S. De Papslokker